Uitspraak
den Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van den Raad van Beroep voor de Directe Belastingen II te
Rotterdamvan 10 Maart 1955 betreffende den aan
de coöperatieve vereniging ‘’[X]’’, gevestigd te
[Z], opgelegden aanslag in de vennootschapsbelasting over het boekjaar 1949/1950;