ECLI:NL:HR:1996:AA1772
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Meij
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vernietiging naheffingsaanslag omzetbelasting en kostenvergoeding
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor de omzetbelasting over het eerste drie kwartalen van 1992, inclusief een verhoging. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag en de verhoging. Belanghebbende ging in beroep bij het hof, dat de aanslag vernietigde en de Inspecteur veroordeelde tot een kostenvergoeding van ƒ 300,--.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad overwoog dat het hof de kostenvergoeding in goede justitie had vastgesteld conform het Besluit proceskosten fiscale procedures, ondanks dat geen puntentarief was voorgeschreven. Ook werd geen toezegging voor een hogere vergoeding aangetoond.
De Hoge Raad zag geen gronden voor een veroordeling in proceskosten en verwierp het cassatieberoep. Het arrest werd op 11 december 1996 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Van der Putt-Lauwers, Van Brunschot en Meij.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de vernietiging van de naheffingsaanslag en de toekenning van een kostenvergoeding.