ECLI:NL:HR:1997:AA3245
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Linde
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Meij
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof inzake terugwenteling verlies vennootschapsbelasting
De zaak betreft een geschil over de terugwenteling van verlies van het jaar 1990 naar 1987 door X B.V. De inspecteur had een voorlopige teruggaaf verleend, maar deze gedeeltelijk teruggenomen en een bedrag van ƒ 185.884,-- opgelegd. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze beschikking, dat door de inspecteur werd afgewezen. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in bij het Hof Arnhem, dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde en de uitspraak van de inspecteur vernietigde.
Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad stelde vast dat het hof ten onrechte belanghebbende niet-ontvankelijk had verklaard in haar bezwaar. De Hoge Raad oordeelde dat de beschikking van 30 september 1992 als een beschikking in de zin van artikel 21 lid 1 Wet Pro op de vennootschapsbelasting 1969 moet worden beschouwd, waartegen rechtsmiddelen openstonden.
De Hoge Raad vernietigde daarom de uitspraak van het hof, de uitspraak van de inspecteur en de beschikking van 31 maart 1994. Tevens werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende. De Hoge Raad kon de zaak zelf afdoen en deed dit door de niet-ontvankelijkverklaring van het hof te vernietigen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis van het hof en de beschikking van de inspecteur en veroordeelt de Staatssecretaris van Financiën tot vergoeding van proceskosten.