ECLI:NL:PHR:2012:BR4790
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid inspecteur tot herziening van beschikking heffingsrente bij naheffingsaanslag
Belanghebbende, een onderdeel van het A concern, kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting opgelegd over 1998-2000 met een te laag bedrag aan heffingsrente. Na bezwaar en beroep werd de naheffingsaanslag verminderd, maar de inspecteur stelde vast dat door een administratieve fout te weinig heffingsrente was berekend en bracht dit bedrag alsnog in rekening via een nadere beschikking. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze nadere beschikking, dat door de rechtbank en het hof werd afgewezen omdat volgens hen geen wettelijke grondslag bestond voor herziening van de beschikking heffingsrente. De Staatssecretaris stelde cassatie in.
De Hoge Raad bespreekt uitgebreid de wetsgeschiedenis van artikel 30j AWR en relevante jurisprudentie, waarbij wordt vastgesteld dat de wettelijke bepalingen die gelden voor de belastingaanslag van overeenkomstige toepassing zijn op de beschikking heffingsrente. Het hof had de tekst en parlementaire geschiedenis van artikel 30j AWR te beperkt uitgelegd door te oordelen dat alleen regels omtrent rechtsbescherming van toepassing zijn. De Hoge Raad concludeert dat er een geïmpliceerde bevoegdheid bestaat voor de inspecteur om een foutieve beschikking heffingsrente te herzien, mits dit gebeurt binnen de kaders van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
De Hoge Raad bevestigt dat de inspecteur de te weinig berekende heffingsrente alsnog kan naheffen via een nadere beschikking gekoppeld aan de naheffingsaanslag, mits het voor belanghebbende onmiddellijk kenbaar was dat de oorspronkelijke beschikking foutief was. De uitspraak van het hof en de rechtbank worden vernietigd en de uitspraak van de inspecteur wordt bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de inspecteur bevoegd is om een foutief vastgestelde beschikking heffingsrente te herzien via een nadere beschikking met inachtneming van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.