ECLI:NL:HR:1998:AA2382
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag en verhoging bij opzetheling van buitenlandse valuta
Belanghebbende werd navorderingsaanslag opgelegd over het jaar 1991 wegens niet aangegeven inkomsten uit wisselactiviteiten met buitenlandse valuta, afkomstig uit handel in verdovende middelen. De navorderingsaanslag en de verhoging werden gehandhaafd door het Gerechtshof na bezwaar en beroep.
Belanghebbende stelde in cassatie onder meer dat sprake was van dubbele bestraffing en dat de verhoging in strijd was met artikel 6 EVRM Pro. De Hoge Raad oordeelde dat de belastingheffing en strafrechtelijke veroordeling verschillende rechtsgronden betreffen en dat geen sprake is van dubbele bestraffing.
Verder is het opleggen van een verhoging door de inspecteur verenigbaar met artikel 6 EVRM Pro, mits beroep mogelijk is bij een onafhankelijke rechter. De overige klachten, waaronder dat de overheid geen belasting mag heffen over crimineel verkregen inkomen, werden eveneens verworpen. Het beroep werd afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de navorderingsaanslag met verhoging wordt bevestigd.