ECLI:NL:HR:1998:ZD7279
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Hermans
- raadsheer Bleichrodt
- raadsheer Corstens
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep tegen beschikking Gemeenschappelijk Hof van Justitie Nederlandse Antillen en Aruba
In deze zaak heeft verzoeker cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. De Hoge Raad heeft onderzocht of tegen deze beschikking cassatieberoep mogelijk is. De Procureur-Generaal concludeerde tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn cassatieberoep.
De Hoge Raad overweegt dat noch op grond van de Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen en Aruba, noch op grond van enige andere wettelijke bepaling cassatieberoep openstaat tegen een beschikking als de onderhavige. De Hoge Raad benadrukt dat het openstellen van een dergelijk beroep buiten zijn rechtsvormende taak valt en aan de wetgever moet worden overgelaten.
Daarom verklaart de Hoge Raad verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep. De beschikking is gegeven door de vice-president Hermans als voorzitter en de raadsheren Bleichrodt en Corstens, in aanwezigheid van griffier Bogaert, en uitgesproken in de openbare terechtzitting van 31 maart 1998.
Uitkomst: Hoge Raad verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep tegen de beschikking van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.