ECLI:NL:HR:1999:AA2629
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van Brunschot
- Hammerstein
- Van Amersfoort
- Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt recht op navordering vennootschapsbelasting ondanks ambtelijk verzuim bij verliesverrekening
X I B.V. werd aanvankelijk voor 1989 aangeslagen in de vennootschapsbelasting met een belastbaar bedrag van f 787.905,--, dat later wegens terugwenteling van een verlies werd verminderd tot nihil. Vervolgens legde de Inspecteur een navorderingsaanslag op met hetzelfde belastbare bedrag en een verhoging van honderd procent, waarvan vijftig procent werd kwijtgescholden. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de navorderingsaanslag gehandhaafd zonder verhoging.
De Hoge Raad overwoog dat het feit dat de terugwenteling van het verlies over 1992 naar 1989 een ambtelijk verzuim was, niet uitsluit dat navordering mogelijk is. Dit geldt ook als het verlies niet of slechts gedeeltelijk bestond, mits de terugwenteling in strijd was met de geldende regels. Het beroep van X I B.V. dat de navordering onrechtmatig zou zijn vanwege het ambtelijk verzuim werd verworpen.
De Hoge Raad achtte geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en bevestigde het oordeel van het Hof. De navorderingsaanslag blijft gehandhaafd, waarmee de belastingheffing over 1989 alsnog wordt gecorrigeerd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de navorderingsaanslag vennootschapsbelasting over 1989.