ECLI:NL:HR:1999:AA2757
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Pos
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt beroep in cassatie tegen navorderingsaanslag vermogensbelasting 1993
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1993 aanvankelijk een aanslag vermogensbelasting opgelegd op een vermogen van ƒ 7.014.000,--. Later werd een navorderingsaanslag opgelegd op een hoger vermogen van ƒ 12.755.000,--. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze navorderingsaanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof Amsterdam, dat de uitspraak van de Inspecteur bevestigde.
Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad tegen het arrest van het Hof. De Hoge Raad ontving het beroepschrift en het verweer van de Staatssecretaris van Financiën. Na beoordeling oordeelde de Hoge Raad dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet noodzakelijk was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af en verwierp het beroep in cassatie. Het arrest werd op 12 mei 1999 vastgesteld en in het openbaar uitgesproken door de vice-president Stoffer en raadsheren Zuurmond, Pos, Beukenhorst en Monné.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de navorderingsaanslag blijft gehandhaafd.