ECLI:NL:HR:1999:AA2913
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Pos
- Beukenhorst
- Kop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing in cassatie over naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd over de jaren 1991 tot en met 1995. Na bezwaar werd de aanslag verminderd, maar het Hof Arnhem vernietigde deze uitspraak en stelde een lagere aanslag vast met een kwijtschelding van een deel van de verhoging.
De Staatssecretaris van Financiën stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht aannam dat naheffing van loonbelasting niet mogelijk is als navordering van inkomstenbelasting niet meer mogelijk is, om te voorkomen dat de Belastingdienst via loonbelasting alsnog belasting zou heffen die niet meer via inkomstenbelasting geheven kan worden.
Echter, de Hoge Raad vond dat het Hof onvoldoende inzicht gaf in zijn motivering, met name of bij juiste wetstoepassing aanslagen inkomstenbelasting hadden moeten worden opgelegd. Omdat dit onduidelijk bleef, kon het arrest niet in stand blijven en werd de zaak verwezen naar het Hof 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling.
De Hoge Raad wees tevens af dat proceskosten aan de Staatssecretaris werden toegekend en liet het aan het verwijzingshof over om te beoordelen of belanghebbende een vergoeding voor proceskosten toekomt.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Arnhem en verwijst de zaak naar het Hof 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling wegens onvoldoende motivering over navordering van inkomstenbelasting.