ECLI:NL:HR:1999:AA3940
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Korthals Altes
- Zuurmond
- Pos
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing anoniementarief loonbelasting bij niet vastgestelde identiteit buitenlandse werknemers zonder geldige verblijfstitel
Belanghebbende exploiteert een confectieatelier en kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting opgelegd over 1994-1995, vanwege het niet vaststellen van de identiteit van zes buitenlandse werknemers zonder geldige verblijfstitel. De Inspecteur legde het anoniementarief van 60% loonbelasting op, vermeerderd met een boete, waarvan een deel werd kwijtgescholden.
Het Hof bevestigde deze naheffingsaanslag, waarbij het oordeelde dat buitenlandse paspoorten niet als voldoende identificatiedocumenten gelden volgens de Wet op de identificatieplicht (WID) en de Vreemdelingenwet. Het bezit van een sofinummer werd ook niet als voldoende identificatie erkend.
In cassatie stelde belanghebbende dat het gebruik van buitenlandse paspoorten en het sofinummer voldoende was, en dat het anoniementarief discriminerend was. De Hoge Raad verwierp deze middelen en bevestigde dat alleen documenten die voldoen aan de WID en Vreemdelingenwet, waaronder een geldige verblijfstitel, als identificatie gelden. De Hoge Raad oordeelde dat de wetgever een redelijke beoordelingsvrijheid heeft en dat het anoniementarief terecht is toegepast.
De Hoge Raad wees ook het beroep af dat het anoniementarief onrechtmatig werd toegepast op werknemers die al vóór de inwerkingtreding van de WID in dienst waren, omdat het tarief pas later werd toegepast. De proceskosten werden niet aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de naheffingsaanslag loonbelasting wordt bevestigd met toepassing van het anoniementarief.