ECLI:NL:HR:2001:AA9628
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over executoriale verkoop en formele voorschriften bij belastingaanslag
Belanghebbende kreeg voor 1994 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd, gebaseerd op een belastbaar inkomen inclusief een bijtelling voor privégebruik van een ter beschikking gestelde personenauto. Tegen de aanslag werd bezwaar gemaakt, dat door de Inspecteur werd afgewezen. Het hof verklaarde het beroep ongegrond, waarbij het oordeelde dat de onderhandse verkoop van inventaris en computerapparatuur van A B.V. niet in strijd was met de formele regels, mede gelet op de Leidraad Invordering 1990.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de onderhandse verkoop zonder toestemming van de geëxecuteerde had plaatsgevonden en dat de belastingdeurwaarder niet had voldaan aan de vereisten van de Leidraad, met name het bieden van gelegenheid tot het verwijderen van softwarebestanden en het maken van een back-up. De Hoge Raad overwoog dat de Leidraad ook geldt voor onderhandse verkoop en dat de dwingende bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet zijn nageleefd.
Het hof had onvoldoende gemotiveerd geoordeeld dat er sprake was van instemming met de onderhandse verkoop, terwijl vaststaat dat belanghebbende en haar echtgenoot geen toestemming hebben gegeven voor vervroegde verkoop. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak naar het hof te 's-Gravenhage voor hernieuwd onderzoek naar de naleving van de formele voorschriften bij de verkoop. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de Staatssecretaris in de proceskosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak voor nader onderzoek naar de naleving van formele voorschriften bij executoriale verkoop.