ECLI:NL:HR:2001:AB0260
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- A.M.M. Orie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen uitlokking zware mishandeling met dood tot gevolg
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin de verdachte werd vrijgesproken van het primaire ten laste gelegde feit, maar veroordeeld voor medeplegen van uitlokking van zware mishandeling met de dood tot gevolg en een overtreding van de Opiumwet.
De kern van het geschil betreft de vraag of sprake is van uitlokking door de verdachte, die samen met een mededader door het verschaffen van gelegenheid en inlichtingen het misdrijf heeft uitgelokt. Het Hof had geoordeeld dat het misdrijf was uitgelokt door het verschaffen van gelegenheid en inlichtingen, maar de Hoge Raad corrigeert dit en stelt dat het feit moet worden gekwalificeerd als medeplegen van door het verschaffen van inlichtingen opzettelijk uitlokken van zware mishandeling met de dood tot gevolg.
De Hoge Raad behandelt het verweer dat het besluit tot het plegen van het feit reeds bestond voordat de verdachte en zijn mededader contact hadden met betrokkene A, en oordeelt dat dit verweer onvoldoende feitelijke grondslag heeft. Tevens wordt bevestigd dat de mededelingen van feitelijke aard, zoals bedreigingen van het slachtoffer aan betrokkene A, als inlichtingen in de zin van art. 47 Sr Pro kunnen worden beschouwd.
De Hoge Raad vernietigt het bestreden arrest voor zover het de kwalificatie betreft, verbetert deze kwalificatie en verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Daarmee blijft de veroordeling van de verdachte in stand, zij het met een aangepaste kwalificatie van het feit.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het de kwalificatie betreft en kwalificeert het feit als medeplegen van door het verschaffen van inlichtingen opzettelijk uitlokken van zware mishandeling met de dood tot gevolg, en verwerpt het cassatieberoep voor het overige.