ECLI:NL:HR:2001:AB1059
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- W.H. Heemskerk
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over uitsluitingsclausule ontbinding bij levering onroerend goed
In deze zaak gaat het om een geschil tussen partijen over de levering van een bedrijfspand en de opname van een uitsluitingsclausule in de leveringsakte, die het recht op ontbinding of vernietiging van de koopovereenkomst uitsluit.
De verhuurder (verweerder) had een koopoptie toegekend aan de huurder (eiser) voor het bedrijfspand. Na het uitoefenen van deze optie ontstond onenigheid over een beding in de leveringsakte waarin afstand werd gedaan van ontbindingsrechten. De president van de rechtbank wees een vonnis waarbij de verhuurder werd veroordeeld mee te werken aan levering zonder de uitsluitingsclausule.
Het hof vernietigde dit vonnis en veroordeelde eiser tot medewerking aan rectificatie van de leveringsakte met toevoeging van de uitsluitingsclausule, stellende dat deze clausule gebruikelijk en wenselijk was. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bekrachtigt het vonnis van de president, omdat het hof onjuiste rechtsopvattingen hanteerde omtrent de gebruikelijkheid en noodzaak van de clausule.
De Hoge Raad benadrukt dat onder het huidige recht ontbinding geen terugwerkende kracht en goederenrechtelijke werking heeft, waardoor de clausule minder noodzakelijk is. Ook ontbrak het bewijs dat de clausule bij andere notarissen gebruikelijk is. De uitspraak bevestigt dat de clausule niet zonder meer als gebruikelijk kan worden aangemerkt en dat eiser zich niet onredelijk kan verzetten tegen het niet opnemen ervan.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bekrachtigt het vonnis van de President waarbij de uitsluitingsclausule niet als gebruikelijk wordt aangemerkt en niet in de leveringsakte wordt opgenomen.