ECLI:NL:HR:2001:ZD2799
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- B.C. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt ontslag van rechtsvervolging wegens onvolledige strafbepaling Leerplichtwet 1969
De zaak betreft een minderjarige verdachte die meermalen de schoolplicht heeft overtreden in de periode van 18 september 1998 tot en met 1 december 1998. De Rechtbank verklaarde haar niet strafbaar wegens een vermeende onvolledige strafbepaling in artikel 26, tweede lid, van de Leerplichtwet 1969, omdat daarin geen maximum geldboete was vastgesteld.
De Officier van Justitie stelde beroep in cassatie in tegen dit vonnis. De Advocaat-Generaal concludeerde dat de strafbepaling wel degelijk geldig is, mede gelet op artikel 77l van het Wetboek van Strafrecht waarin de geldboete voor jeugdigen is geregeld.
De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de strafbepaling onvolledig is en vernietigde het vonnis. De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank Rotterdam voor hernieuwde behandeling en beslissing. Hiermee wordt bevestigd dat de leerplichtige jongere strafrechtelijk aansprakelijk kan worden gesteld voor schoolverzuim op grond van de Leerplichtwet 1969.
Uitkomst: Het vonnis van ontslag van rechtsvervolging wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.