ECLI:NL:HR:2002:AD9126
Hoge Raad
- Cassatie
- C.H.M. Jansen
- A.G. Pos
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in civiele zaak na vernietiging hofarrest
In deze civiele zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van eiser verworpen. Eerder had het Gerechtshof te Leeuwarden het vonnis van de Rechtbank te Assen vernietigd en opnieuw beslist dat eiser aan verweerder een geldbedrag moest betalen, vermeerderd met wettelijke rente. Het hof wees het meer of anders gevorderde af.
Eiser stelde zich in cassatie op het standpunt dat het arrest van het hof onjuist was, maar de Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering was nadere motivering niet vereist, omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad veroordeelde eiser tevens in de kosten van het cassatiegeding, waarbij de verschotten en het salaris van de advocaat aan verweerder werden toegewezen. Hiermee bevestigde de Hoge Raad het arrest van het hof en sloot de procedure af.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.