ECLI:NL:PHR:2002:AD9126
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadevergoeding uit hoofde van ongerechtvaardigde verrijking na cassatie
Deze zaak betreft een voortzetting van een eerdere procedure die leidde tot een arrest van de Hoge Raad in 1996. De eiser in cassatie vordert vaststelling van schadevergoeding wegens ongerechtvaardigde verrijking die hij aan de verweerder verschuldigd zou zijn.
Het Gerechtshof te Leeuwarden heeft in een arrest van 19 april 2000, na het inwinnen van een deskundigenbericht, de schadevergoeding vastgesteld. De eiser stelde hiertegen cassatieberoep in met meerdere motiveringsklachten.
De Hoge Raad oordeelt dat de klachten niet slagen. De klachten tegen feitelijke beslissingen zijn niet onbegrijpelijk en behoeven geen nadere motivering. Een klacht die niet voldoet aan de vereisten van art. 407 lid 2 Rv Pro wordt eveneens verworpen. Daarmee wordt het cassatieberoep verworpen en blijft het arrest van het hof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.