ECLI:NL:HR:2002:AE1743
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor moord met voorbedachte raad
De verdachte werd door het gerechtshof veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf wegens moord gepleegd in december 1997 in Heerlen. Het hof oordeelde dat de verdachte het slachtoffer na kalm beraad en rustig overleg met een hamer meerdere malen op het hoofd sloeg, wat tot het overlijden leidde.
In cassatie stelde de verdachte dat niet bewezen kon worden dat sprake was van voorbedachte raad. De Hoge Raad bevestigde de jurisprudentie dat voorbedachte raad vereist dat de verdachte gelegenheid had om na te denken over zijn daad, ook al is die tijd kort. Uit de bewijsmiddelen bleek dat de verdachte na het eerste geweld de kamer verliet, een hamer pakte en terugkeerde om het slachtoffer te doden.
De verklaring van de verdachte zelf, waarin hij aangaf dat hij vanaf het moment dat hij de hamer vastpakte van plan was het slachtoffer te doden, ondersteunde het oordeel van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht heeft geoordeeld dat sprake was van moord met voorbedachte raad en verwierp het beroep. De veroordeling en strafmaat blijven daarmee in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling tot tien jaar gevangenisstraf wegens moord met voorbedachte raad.