ECLI:NL:HR:2002:AF0638
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- Rechtspraak.nl
Oplegging maatregel plaatsing in inrichting voor opvang verslaafden bevestigd
De zaak betreft een cassatieberoep van een verdachte die veroordeeld is tot plaatsing in een inrichting voor de opvang van verslaafden (SOV) voor de duur van twee jaar, wegens een auto-inbraak met braak en eerdere veroordelingen. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank Rotterdam, waarbij rekening werd gehouden met de ernst van het feit, de recidive en de verslavingsproblematiek van verdachte.
De verdachte had meerdere eerdere vrijheidsbenemende straffen ondergaan zonder gedragsverandering en toonde geen motivatie voor behandeling. Desondanks oordeelde het hof dat de maatregel passend was, mede gelet op het maatschappelijk belang en de doelstellingen van de SOV-maatregel, namelijk het terugdringen van overlast en het beheersbaar maken van verslaving met het oog op re-integratie.
De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel dat stelde dat de maatregel niet opgelegd kon worden zonder motivatie en reële kans op re-integratie. De wetsgeschiedenis ondersteunt het opleggen van de maatregel ook aan niet-gemotiveerde verslaafden, omdat onder dwang motivatie kan ontstaan. Het beroep werd verworpen, waarmee de maatregel werd bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de oplegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor opvang van verslaafden voor twee jaar.