ECLI:NL:HR:2003:AE9360
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vragen over plaats van dienst bij bemiddeling tussen particulieren in omzetbelasting
Belanghebbende, ondernemer in de aan- en verkoop van gebruikte pleziervaartuigen, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over bemiddelingsdiensten bij de koop van jachten tussen particulieren in Frankrijk en Nederland. De Inspecteur handhaafde de aanslag, maar het Hof verminderde deze.
De kern van het geschil betrof de vraag waar de plaats van dienst van de bemiddelingsactiviteiten lag: in Nederland of in Frankrijk. Het Hof oordeelde dat de diensten niet in Nederland waren verricht, wat door de Staatssecretaris in cassatie werd bestreden.
De Hoge Raad constateerde dat de bestaande rechtspraak van het Hof van Justitie onvoldoende aanknopingspunten bood voor beantwoording van de vraag of artikel 28ter, E, lid 3, van de Zesde richtlijn alleen ziet op diensten aan belastingplichtigen of ook op diensten aan particulieren. Daarom verzocht de Hoge Raad het Hof van Justitie om prejudiciële uitspraak over de uitleg van deze bepaling.
De Hoge Raad schorst het geding en houdt verdere beslissing aan totdat het Hof van Justitie uitspraak heeft gedaan.
Uitkomst: De Hoge Raad schorst het geding en houdt verdere beslissing aan in afwachting van prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie.