ECLI:NL:HR:2003:AK3700
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over verrekening en pandrecht bij financieringsovereenkomst tussen bank en vennootschap
De zaak betreft een geschil tussen ING Bank N.V. en een verweerder die bestuurder en grootaandeelhouder is van MB Display B.V. De bank had een rekening-courantkrediet verstrekt aan MB Display met zekerheden waaronder een tweede hypotheek op de woning van de verweerder en verpanding van de boekvorderingen van MB Display. Na opzegging van het krediet en faillissement van MB Display vorderde de bank betaling van een bedrag van ƒ 125.156,-- van de verweerder.
De rechtbank wees de vordering bij verstek toe, maar ontheefde de verweerder later van deze veroordeling. Het hof Arnhem bekrachtigde dit vonnis en oordeelde dat de verweerder zijn tegenvordering op MB Display kon verrekenen met de verpande vordering, omdat beide vorderingen voortvloeiden uit dezelfde financieringsovereenkomst. De bank stelde cassatie in tegen dit arrest.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had door te veronderstellen dat de vordering van MB Display op de verweerder uit dezelfde rechtsverhouding voortkomt als de tegenvordering van de verweerder op MB Display. Volgens art. 6:130 BW Pro moet de tegenvordering voortvloeien uit dezelfde rechtsverhouding als de verpande vordering. Nu de bank had aangevoerd dat dit niet het geval was en de verweerder dit niet had weersproken, moest het beroep op verrekening worden verworpen.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof Arnhem en verwees de zaak naar het hof Leeuwarden voor verdere behandeling en beslissing. De verweerder werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof Arnhem en verwijst de zaak naar het hof Leeuwarden.