ECLI:NL:HR:2004:AN8907
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over beëindiging gemeentelijke zorg voor houder voorwaardelijke vergunning verblijf
De gemeente Hilversum vorderde in kort geding de ontruiming van een woning die door verweerder werd bewoond op grond van een bruikleenovereenkomst gekoppeld aan een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv). Na intrekking van de vvtv en beëindiging van de gemeentelijke zorg vorderde de gemeente ontruiming wegens het ontbreken van een geldige verblijfs- en gebruikstitel.
De voorzieningenrechter wees de vordering toe, maar het hof Amsterdam vernietigde dit vonnis en wees de vordering af. Het hof oordeelde dat het Stappenplan 1999 van toepassing was, hoewel dit plan alleen geldt voor voorzieningen op grond van ROA/RVA en niet voor de Zorgwet vvtv. Het hof vond dat verweerder onvoldoende rechtvaardiging had om te worden ontruimd omdat hij niet aan het meewerkcriterium van het Stappenplan had voldaan.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof onjuist had geoordeeld over de toepasselijkheid van het Stappenplan 1999, omdat verweerder voorzieningen ontving op grond van de Zorgwet vvtv en dat deze voorzieningen van rechtswege waren geëindigd per 29 november 2001. Het arrest van het hof werd vernietigd en de zaak verwezen naar het hof Den Haag voor verdere behandeling en beslissing.
Verweerder werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding. De Hoge Raad gaf daarmee duidelijkheid over de rechtspositie van vreemdelingen met een beëindigde vvtv en de gevolgen voor gemeentelijke zorg en ontruiming.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het hof Den Haag voor verdere behandeling en beslissing.