ECLI:NL:HR:2004:AO0967
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Verbod op toepassing strafrechtelijke dwangmiddelen en ontruiming wegens verdenking artikel 350 Sr
Eiseres en een medebetrokkene vorderden in kort geding dat de Staat, en via hem de officier van justitie, strafrechtelijke dwangmiddelen zoals aanhouding en feitelijke ontruiming van panden zou verbieden. Deze dwangmiddelen zouden voortvloeien uit verdenking van overtreding van artikel 350 Wetboek Pro van Strafrecht, gerelateerd aan het verwijderen van afdichtingen aan panden.
De president van de rechtbank wees de vordering af, en het gerechtshof te 's-Gravenhage bekrachtigde dit vonnis in hoger beroep. Eiseres stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaakten.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde eiseres in de kosten van het geding. Hiermee bleef het oordeel van het hof dat strafrechtelijke dwangmiddelen en feitelijke ontruiming in deze zaak niet verboden konden worden, ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en de kosten van het geding worden aan haar opgelegd.