ECLI:NL:HR:2004:AO6423
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat internetplaatsing van softdrugsmenu's openbaarmaking is volgens Opiumwet
De verdachte plaatste op 6 september 2000 op internet menu's met soorten hashish en marihuana en de prijzen daarvan, afkomstig uit zijn coffeeshop. Het hof verklaarde bewezen dat dit een openbaarmaking was die gericht was op de bevordering van de verkoop van softdrugs, in strijd met artikel 3b van de Opiumwet.
De verdediging voerde aan dat internetplaatsing niet als 'openbaarmaking' kon worden aangemerkt omdat toegang tot internet beperkt zou zijn en niet vergelijkbaar met traditionele reclame via media. Het hof oordeelde echter dat internet een algemeen toegankelijk medium is en dat commerciële mededelingen via internet onder het begrip openbaarmaking vallen.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en stelde dat het internet een voor een groot publiek toegankelijk middel is, waardoor het plaatsen van softdrugsmenu's en prijzen op internet als openbaarmaking in de zin van artikel 3b, eerste lid, Opiumwet moet worden beschouwd. Het cassatieberoep werd verworpen en de strafrechtelijke veroordeling bleef in stand, hoewel geen straf werd opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat het op internet plaatsen van softdrugsmenu's een strafbare openbaarmaking is en verwerpt het cassatieberoep.