ECLI:NL:HR:2005:AR6657
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over aansprakelijkheid werkgever voor psychisch letsel en repatriëringskosten
In deze zaak vordert een voormalig werknemer van ABN AMRO, die arbeidsongeschikt werd door psychische en lichamelijke klachten, schadevergoeding op grond van art. 7:658 BW Pro en vergoeding van repatriëringskosten. De kantonrechter wees de vordering af, maar het hof Amsterdam kende materiële schade en repatriëringskosten toe, niet echter immateriële schade.
De Hoge Raad stelt vast dat art. 7:658 BW Pro ook van toepassing is op psychisch letsel en dat de werkgever aansprakelijk kan zijn indien er causaal verband is tussen werk en psychische schade. Het hof heeft echter onvoldoende gemotiveerd waarom het eerdere medische klachten en vrijwillige beëindiging van het dienstverband buiten beschouwing liet, waardoor het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen.
Daarnaast bevestigt de Hoge Raad dat de repatriëringskosten op grond van een gemaakte afspraak vergoed moeten worden, ook al vond de repatriëring pas drie jaar na de VUT plaats. Het incidentele cassatieberoep van de werknemer wordt verworpen. De zaak wordt verwezen naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.