ECLI:NL:HR:2005:AT1758
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aanhoudingsverzoek na vertrouwensbreuk raadsman
In deze strafzaak werd verdachte veroordeeld voor het handelen in strijd met de Wet wapens en munitie, mishandeling en bedreiging. Tijdens het hoger beroep ontstond een vertrouwensbreuk tussen verdachte en zijn raadsman, waarna verdachte zijn raadsman ontsloeg en geen nieuwe rechtsbijstand had.
Verdachte verzocht het hof om de behandeling aan te houden zodat hij zich van nieuwe rechtsbijstand kon voorzien. Het hof wees dit verzoek af met het oordeel dat het belang van een berechting binnen een redelijke termijn zwaarder woog dan het belang van verdachte bij rechtsbijstand, mede omdat reeds drie zittingen hadden plaatsgevonden en verdachte voldoende gelegenheid had gehad om met zijn raadsman te overleggen.
De Hoge Raad oordeelt dat dit oordeel niet onjuist of onbegrijpelijk is. Het hof heeft terecht overwogen dat de vertrouwensbreuk aan verdachte zelf te wijten was en dat de getuigen in aanwezigheid van de raadsman waren gehoord. Het cassatieberoep wordt verworpen en de bestreden uitspraak blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.