ECLI:NL:HR:2005:AT3985
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak over bezwaartermijn bij adreswijziging in vennootschapsbelasting
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1998 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd. Na een adreswijziging die belanghebbende op correcte wijze aan de belastingdienst had doorgegeven, werd het aanslagbiljet echter niet naar het nieuwe adres verzonden maar naar het oude postbusadres. Hierdoor was de aanslag niet op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt zoals vereist volgens artikel 3:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Het Hof oordeelde dat de bezwaartermijn aanving op de dag na dagtekening van het aanslagbiljet, maar de Hoge Raad stelde dat dit onjuist was omdat de aanslag niet op de juiste wijze bekend was gemaakt. De termijn voor bezwaar vangt pas aan op het moment dat de belanghebbende het aanslagbiljet daadwerkelijk ontvangt op het juiste adres.
Belanghebbende stelde dat zij het aanslagbiljet op 30 juni 2000 ontving, terwijl de Inspecteur geen ontvangstdatum kon vaststellen. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de bezwaartermijn was overschreden. De Hoge Raad vernietigde daarom de uitspraken van het Hof en de Inspecteur en beval hernieuwde besluitvorming.
Daarnaast veroordeelde de Hoge Raad de Staat tot vergoeding van de proceskosten aan belanghebbende, waaronder griffierechten en kosten voor rechtsbijstand.
Dit arrest verduidelijkt de eisen voor de bekendmaking van aanslagen bij adreswijzigingen en de aanvang van de bezwaartermijn in belastingzaken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de uitspraak en bepaalt dat de bezwaartermijn pas begint bij ontvangst van het aanslagbiljet op het juiste adres.