ECLI:NL:HR:2005:AT6844
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens gebrek aan belang bij verlenging machtiging uithuisplaatsing
De Stichting Bureau Jeugdzorg Overijssel verzocht bij de rechtbank Almelo om verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige voor de duur van één jaar vanaf 30 juli 2003. De moeder van het kind bestreed deze verzoeken. De rechtbank verlengde beide maatregelen bij beschikking van 9 juli 2003. De moeder ging hiertegen in hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem, dat de beschikking van de rechtbank op 20 januari 2004 bekrachtigde.
De moeder stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen de bekrachtiging van de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing. De Advocaat-Generaal adviseerde de Hoge Raad om het cassatieberoep niet-ontvankelijk te verklaren, omdat de termijn van de machtiging op 30 juli 2004 was verstreken en de moeder daardoor geen belang meer had bij haar beroep.
De Hoge Raad volgde dit advies en verklaarde de moeder niet-ontvankelijk in haar cassatieberoep wegens gebrek aan belang. De beslissing werd genomen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 14 oktober 2005.
Uitkomst: De moeder is niet-ontvankelijk verklaard in haar cassatieberoep wegens gebrek aan belang.