ECLI:NL:HR:2005:AU3155
Hoge Raad
- Cassatie
- A.G. Pos
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- A.R. Leemreis
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en rechtszekerheid van baatbelasting bij herinrichting centrum Winterswijk
Belanghebbende kreeg een aanslag baatbelasting opgelegd door de gemeente Winterswijk voor de herinrichting van het centrum. Na bezwaar handhaafde de gemeente de aanslag, maar het hof verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de aanslag en de uitspraak van de heffingsambtenaar.
De Hoge Raad oordeelt dat artikel 222, lid 2, Gemeentewet vereist dat een bekostigingsbesluit duidelijk maakt in welke mate de lasten van voorzieningen verhaald zullen worden, hetzij door een vast of maximum bedrag, hetzij door een percentage met vermelding van de geraamde lasten. Het Bekostigingsbesluit vermeldde een maximaal te verhalen bedrag van ƒ 3.000.000, wat voldoende rechtszekerheid biedt.
Het hof had de Verordening baatbelasting onverbindend verklaard wegens het ontbreken van een juiste lastenvermelding, maar de Hoge Raad stelt dat dit onjuist is. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling van de overige grieven.
De Hoge Raad spreekt geen proceskosten toe. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren en op 23 september 2005 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen voor verdere behandeling.