ECLI:NL:HR:2006:AU3477
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewezenverklaring bij invoer niet-conforme draadloze telefoons
De zaak betreft de invoer vanuit Taiwan en opslag ter distributie in Nederland van draadloze telefoons die niet voldoen aan de voorschriften van de Telecommunicatiewet. De Economische Politierechter sprak de verdachte vrij wegens het ontbreken van een bewezenverklaring dat de telefoons daadwerkelijk op de tenlastegelegde datum in de handel zijn gebracht.
De verdediging voerde aan dat het nationale begrip 'in de handel brengen' in strijd is met Europese richtlijnen, met name Richtlijn 1999/5/EG, en dat invoer niet als op de markt brengen mag worden aangemerkt. De Hoge Raad oordeelde dat de Economische Politierechter dit verweer had moeten behandelen, maar het ontbreken van een gemotiveerde beslissing hierover niet tot cassatie leidt omdat het verweer geen kans van slagen had.
De Hoge Raad bevestigde dat het nationale verbod in art. 10.5, eerste lid, Telecommunicatiewet niet in strijd is met de Europese regelgeving. De vrijspraak blijft in stand omdat de bewezenverklaring ontbrak. Het beroep in cassatie werd verworpen en het vonnis van de Economische Politierechter bleef ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vrijspraak van verdachte blijft in stand.