ECLI:NL:HR:2006:AU6091
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- R. Herrmann
- O. de Savornin Lohman
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige overheidsdaad wegens vrijheidsbeneming en persmededeling aan advocaat
De zaak betreft een schadestaatprocedure tegen de Staat vanwege onrechtmatige vrijheidsbeneming van een advocaat in 1986 en de onrechtmatige mededeling aan de pers dat zijn aanhouding verband hield met de Kanaaleiland-affaire. De advocaat werd niet vervolgd wegens onvoldoende aanwijzing van schuld. De rechtbank kende een schadevergoeding toe voor inkomens- en reputatieschade, welke deels werd bevestigd en deels vernietigd door het hof.
Het hof stelde de inkomensschade over de jaren 1987 tot en met 1991 vast op vaste bedragen en bepaalde de vergoeding van kosten en rente. Tevens nam het hof een belastinggarantie op dat de Staat fiscale verplichtingen zou dragen. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof vanwege onvoldoende motivering over de fiscale aspecten en de berekening van de wettelijke rente, en verwijst de zaak naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.
De Hoge Raad bevestigt dat de onrechtmatige vrijheidsbeneming en de onrechtmatige persmededeling de oorzaak waren van de schade, waarbij het hof een causale toerekening van 75% aan de Staat toepaste. De klachten over de motivering van het hof worden verworpen, behalve die over de fiscale garantie en rente. De kosten van het cassatiegeding worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.