ECLI:NL:HR:2006:AU6762
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing getuigenverzoek in hoger beroep diefstal en afpersing met geweld
In deze strafzaak werd de verdachte in hoger beroep veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf voor meerdere feiten van diefstal en afpersing, gepleegd met geweld door een groep personen. De verdediging verzocht het hof om drie getuigen te horen die belastende verklaringen hadden afgelegd, maar het hof wees dit verzoek af. Het hof motiveerde dat het zich op grond van het dossier voldoende kon vormen over de betrouwbaarheid van deze getuigen en dat het niet nodig was hen opnieuw te horen.
De verdediging stelde in cassatie dat het hof ten onrechte het verzoek tot het horen van deze getuigen had afgewezen, omdat de verklaringen inconsistent en tegenstrijdig waren en de betrouwbaarheid nader onderzocht moest worden. De Hoge Raad overwoog dat de getuigen reeds in eerdere fasen van het proces, waaronder bij de rechter-commissaris en in eerste aanleg, in aanwezigheid van de raadsman van de verdachte waren gehoord. Daarbij had een van de getuigen zijn eerdere belastende verklaring ingetrokken. Bovendien gaf het verzoek niet aan wat voor aanvullende vragen de verdediging aan de getuigen wilde stellen.
De Hoge Raad concludeerde dat het hof niet onjuist of onbegrijpelijk had geoordeeld dat de verdachte door het niet horen van de getuigen niet in zijn verdediging werd geschaad. De overige middelen faalden eveneens, zodat het cassatieberoep werd verworpen en het arrest van het hof in stand bleef.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot acht jaar gevangenisstraf blijft in stand.