ECLI:NL:HR:2006:AV5220
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Geen partiële niet-ontvankelijkverklaring van bezwaar tegen naheffingsaanslag met boete
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd over het jaar 1997 met een boete van 100% verhoging. De Inspecteur verklaarde het bezwaar tegen deze aanslag niet-ontvankelijk. Het hof verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de boetebeschikking, maar handhaafde het overige. Belanghebbende stelde cassatie in tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad oordeelde dat volgens artikel 6:5 lid 1 onder Pro d Awb en artikel 23 lid 1 AWR Pro geen grond bestaat om een bezwaar tegen één naheffingsaanslag gedeeltelijk niet-ontvankelijk te verklaren wegens onvoldoende motivering. Het hof had dit ten onrechte gedaan. De uitspraak van het hof werd daarom vernietigd, behoudens de beslissingen over ontvankelijkheid, griffierecht en proceskosten.
De zaak werd verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende in cassatie.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard en het arrest van het hof vernietigd voor zover het bezwaar gedeeltelijk niet-ontvankelijk werd verklaard, waarna de zaak wordt verwezen.