ECLI:NL:HR:2006:AV5228
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Matiging boetebeding bij verkoop appartementsrecht en medewerking splitsing
In deze zaak staat een geschil centraal tussen partijen over een overeenkomst tot verkoop van een appartementsrecht, waarbij de medewerking van de verkoper aan de splitsing en de daarop volgende levering van het pand aan de orde is. Eiser tot cassatie vordert onder meer matiging van een boetebeding.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere tussenarresten van 2 april 2004 en 8 juli 2005 waarin procedurele aspecten zijn behandeld, waaronder de nietigheid van een aanzegging van schorsing en hervatting van de procedure. De zaak is vervolgens verwezen voor verdere behandeling.
De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad volgt dit advies en verwerpt het beroep. De in het middel aangevoerde klachten worden niet ontvankelijk verklaard omdat deze niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad veroordeelt eiser in de kosten van het geding in cassatie en spreekt het arrest uit in aanwezigheid van de genoemde raadsheren en vice-president.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.