ECLI:NL:HR:2007:AZ3535
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- W.D.H. Asser
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Beperking aansprakelijkheid oud-bestuurders en werknemers bij belangenverstrengeling en onrechtmatige daad
In deze zaak vordert NBW schadevergoeding van oud-bestuurders en werknemers die op staande voet zijn ontslagen wegens strafbare feiten binnen hun dienstverband. NBW baseert haar vordering op onrechtmatige daad, terwijl verweerders zich beroepen op de exclusieve aansprakelijkheidsregels uit art. 2:9 BW Pro (bestuurders) en art. 7:661 BW Pro (werknemers).
De rechtbank wijst de vordering af omdat het handelen van verweerders nauw samenhangt met hun functie en de arbeidsrelatie, waardoor de bijzondere aansprakelijkheidsregels van toepassing zijn. Het hof bekrachtigt dit oordeel en verklaart NBW niet-ontvankelijk in hoger beroep voor het bevoegdheidsincident.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug. De Hoge Raad stelt dat de vraag of er sprake is van een onrechtmatige daad los van de arbeidsrechtelijke aansprakelijkheid eerst moet worden beantwoord, alvorens de strengere maatstaven van art. 2:9 en Pro 7:661 BW kunnen worden toegepast. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de rechtbank ambtshalve de rechtsgronden had moeten toetsen en dat de exclusieve bevoegdheid van de kantonrechter niet doorslaggevend is voor de beoordeling van de toelaatbaarheid van eiswijziging.
De Hoge Raad bevestigt dat art. 2:9 en Pro 7:661 BW lex specialis zijn die de algemene onrechtmatige daadregeling beperken, maar benadrukt dat dit niet betekent dat vorderingen op onrechtmatige daad per definitie moeten worden afgewezen. De zaak wordt verwezen naar het hof te Amsterdam voor verdere behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling met toepassing van de juiste maatstaven voor aansprakelijkheid.