Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[geïntimeerde 1] ,
[geïntimeerde 2],
[geïntimeerde 3],
[geïntimeerde 4],
[geïntimeerde 5],
[geïntimeerde 6]en
[geïntimeerde 7],
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De vaststaande feiten
3.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
4.De beoordeling van de grieven en de vorderingen
“kennelijk onbehoorlijke taakvervulling”in de artikelen 2:138/2:248 BW en 36 Invorderingswet 1990 wordt niet anders bedoeld dan met onbehoorlijk bestuur als vervat in artikel 2:9 BW Pro. Van kennelijk onbehoorlijke taakvervulling is sprake als geen redelijk denkend bestuurder - onder dezelfde omstandigheden - zo gehandeld zou hebben (zie HR 8 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2053 (Panmo Produktie). Het gaat dus om een hoge drempel voor aansprakelijkheid.
Kamerstukken II2015/16, 34 491, nr. 3) op het ontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen vermeldt onder 3.4 onder meer:
5.De slotsom
€ 1.631