ECLI:NL:HR:2007:AZ4073
Hoge Raad
- Cassatie
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing faillissement en toepassing schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw ontstaan schulden
IBC Incassobemiddeling & Creditmanagement en haar vennoten zijn bij vonnis van de rechtbank Haarlem in staat van faillissement verklaard. Vervolgens hebben zij een verzoek ingediend tot opheffing van het faillissement onder gelijktijdige toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van artikel 288 lid 2 onder Pro b Faillissementswet, vanwege het niet te goeder trouw ontstaan van de schulden.
De rechtbank wees dit verzoek af. Het hof Amsterdam vernietigde dit vonnis voor zover het verzoek was afgewezen, maar verklaarde IBC niet-ontvankelijk in haar verzoek. Hiertegen werd beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie kunnen leiden en dat nadere motivering niet nodig is omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen. Het beroep werd verworpen en het arrest van het hof bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep van IBC wordt verworpen en het faillissement blijft gehandhaafd zonder toepassing van de schuldsaneringsregeling.