ECLI:NL:HR:2007:AZ5835
Hoge Raad
- Cassatie
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid van standaardmotivering bij verlening voorwaardelijke machtiging Bopz
De zaak betreft een verzoek tot verlening van een nieuwe voorwaardelijke machtiging voor opname en verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis van verzoekster, ingediend door de officier van justitie te 's-Hertogenbosch. De rechtbank verleende op 11 september 2006 de machtiging voor de duur van twaalf maanden, na het horen van verzoekster, haar raadsman, de behandelend psychiater en een familielid.
Verzoekster stelde beroep in cassatie tegen deze beschikking. De officier van justitie diende geen verweerschrift in. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad bevestigde daarmee de rechtmatigheid van de standaardmotivering bij de verlening van een voorwaardelijke machtiging op grond van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering. Het beroep werd verworpen en de beschikking van de rechtbank bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking tot verlening van de voorwaardelijke machtiging blijft in stand.