ECLI:NL:HR:2007:BA1528
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw ontstaan van schulden
De schuldenaar heeft bij de rechtbank Breda verzocht om toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van artikel 288 lid 2 aanhef Pro en onder b van de Faillissementswet, omdat hij zijn schulden niet te goeder trouw zou hebben laten ontstaan. De rechtbank wees dit verzoek bij vonnis van 19 juni 2006 af. De schuldenaar ging hiertegen in hoger beroep bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, dat het vonnis op 4 december 2006 bekrachtigde.
Vervolgens stelde de schuldenaar beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees het beroep af en bevestigde daarmee de eerdere beslissingen van rechtbank en hof. Hiermee blijft het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wegens het niet te goeder trouw ontstaan van schulden definitief afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het niet te goeder trouw ontstaan van schulden.