ECLI:NL:HR:2007:BA2570
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens niet in mindering brengen uitleveringsdetentie
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch waarin de verdachte is veroordeeld tot vier jaar en zes maanden gevangenisstraf en een geldboete wegens deelname aan een criminele organisatie en medeplegen van valsheid in geschrift.
De Hoge Raad stelt vast dat het hof bij het opleggen van de straf niet heeft voldaan aan art. 27, eerste lid, Sr, waarin is bepaald dat de tijd die de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van de straf in verzekering, voorlopige hechtenis of in detentie in het buitenland heeft doorgebracht op de straf in mindering moet worden gebracht.
De verdachte was op 20 januari 2004 in Virginia Beach (VS) aangehouden en verbleef daar tot 11 maart 2004 in uitleveringsdetentie op basis van een Nederlands uitleveringsverzoek. Het hof heeft deze periode niet in mindering gebracht.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof voor zover het deze uitleveringsdetentie betreft en beveelt dat deze tijd alsnog in mindering wordt gebracht op de straf. Voor het overige wordt het beroep verworpen. De Hoge Raad motiveert dat de overige middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat geen andere gronden voor vernietiging aanwezig zijn.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor zover het nalaat de uitleveringsdetentie in het buitenland in mindering te brengen op de gevangenisstraf.