ECLI:NL:HR:2008:BA6417
Hoge Raad
- Cassatie
- P.J. van Amersfoort
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over terugbetaling van agio zonder statutenwijziging
Belanghebbende was enig aandeelhouder van een BV die in 1999 haar kapitaal uitbreidde met een storting van agio. In 2000 keerde de BV een groot deel van dit agio uit aan belanghebbende zonder statutenwijziging. De Inspecteur nam deze terugbetaling op als belastbare winst uit aanmerkelijk belang. Het Hof verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat belastingheffing over deze terugbetaling terecht was, omdat het eenvoudig had kunnen worden voorkomen door omzetting van agio in nominaal kapitaal en daaropvolgende kapitaalvermindering.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de terugbetaling van agio niet belast mocht worden, omdat er geen zuivere winst was en de wetgever dit niet had bedoeld. De Hoge Raad verwierp dit verweer en stelde dat artikel 20b, lid 1, letter c, Wet IB 1964 zich uitdrukkelijk uitstrekt tot uitkeringen ten laste van de agioreserve zoals in deze zaak.
De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond en wees geen proceskosten toe. Hiermee is bevestigd dat terugbetaling van agio zonder statutenwijziging als belastbare winst uit aanmerkelijk belang moet worden beschouwd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond en bevestigt dat terugbetaling van agio zonder statutenwijziging belast is als winst uit aanmerkelijk belang.