ECLI:NL:HR:2008:BC1314
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf na bewezenverklaring ernstige vrijheidsberoving en seksuele misdrijven in Kraggenburg
De zaak betreft een strafzaak tegen verdachte die samen met anderen ernstige misdrijven heeft gepleegd, waaronder wederrechtelijke vrijheidsberoving, verkrachting en het dwingen tot seksuele handelingen tegen betaling. Het hof heeft verdachte veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf en verbeurdverklaring.
De verdediging voerde aan dat verklaringen van een belangrijke getuige niet tot bewijs mochten worden gebruikt omdat de verdediging deze getuige niet heeft kunnen ondervragen. Het hof oordeelde dat de verklaringen voldoende steun vinden in andere bewijsmiddelen en dat het ontbreken van ondervraging niet tot uitsluiting van bewijs leidt.
De Hoge Raad bevestigt deze beoordeling en wijst het cassatieberoep af, behalve dat de straf wordt verminderd tot zes jaar en acht maanden vanwege overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in art. 6 EVRM Pro. De overige middelen falen en leiden niet tot cassatie.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot zes jaar en acht maanden wegens termijnoverschrijding, overige veroordelingen blijven in stand.