ECLI:NL:PHR:2008:BD1752
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest hof wegens onvoldoende motivering afwijzing getuigenverzoek en twijfel aan betrouwbaarheid fotoherkenning
Het Gerechtshof te Arnhem heeft verdachte veroordeeld tot 32 maanden gevangenisstraf voor afpersing door meerdere personen. De verdediging verzocht herhaaldelijk om verbalisant als getuige te horen over stemherkenningen, maar het hof wees dit af met verwijzing naar het aanvullend proces-verbaal en het ontbreken van wettelijke eisen voor stemherkenningen.
De verdediging voerde aan dat de stemherkenningen onbetrouwbaar waren en dat de fotoherkenning door aangever twijfelachtig was vanwege slechte waarnemingsomstandigheden en inconsistenties in verklaringen. Het hof erkende deze twijfel niet als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt en motiveerde onvoldoende waarom het daarvan afweek.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof in strijd met art. 359 lid 2 Sv Pro niet de noodzakelijke motivering heeft gegeven voor de afwijzing van het verzoek om de verbalisant als getuige te horen en onvoldoende aandacht heeft besteed aan de betwisting van de fotoherkenning. Hierdoor is het arrest nietig en wordt de zaak terugverwezen voor hernieuwde berechting.
Daarnaast wijst de Hoge Raad op de juridische wijzigingen rond getuigenoproeping en het toepasselijke recht in hoger beroep, en bevestigt dat het hof het noodzaakcriterium juist heeft toegepast bij het afwijzen van de getuige. De Hoge Raad toetst de feiten en het bewijs slechts op begrijpelijkheid en acht het oordeel van het hof over de stemherkenningen niet onbegrijpelijk.
Ten slotte constateert de Hoge Raad dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het in beslag genomen vlindermes en dolkmes verbeurd verklaard zijn, hetgeen ook aanleiding geeft tot vernietiging van het arrest.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.