ECLI:NL:HR:2008:BC2153
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over auteursrecht op transcripten van achterbankgesprekken en proceskostenveroordeling
De zonen Endstra vorderden in kort geding het uit de handel nemen van boeken met transcripten van achterbankgesprekken van hun overleden vader met politieambtenaren. De voorzieningenrechter en het hof Amsterdam wezen deze vorderingen af, stellende dat geen auteursrecht rust op deze gesprekken omdat zij niet het persoonlijk stempel van de maker dragen.
De Hoge Raad stelt dat het hof een onjuiste maatstaf heeft gehanteerd door te eisen dat het werk bewust als coherente creatie moet zijn geconcipieerd en dat de maker creatieve keuzes moet hebben gemaakt. Het arrest uit 1946 wordt anders uitgelegd: het werk moet een eigen, oorspronkelijk karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen, zonder dat bewustheid van schepping vereist is.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het hof te 's-Gravenhage voor hernieuwde beoordeling. Daarnaast behandelt de Hoge Raad de proceskostenveroordeling op grond van art. 14 van Pro de Handhavingsrichtlijn. Het hof had de volledige kostenvergoeding afgewezen wegens te late specificatie, maar de Hoge Raad benadrukt dat een duidelijke en tijdige vordering noodzakelijk is om volledige proceskosten toe te wijzen.
De Hoge Raad veroordeelt Nieuw Amsterdam c.s. in de kosten van het geding in cassatie en wijst het incidentele cassatieberoep af. De zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling, waarbij het hof rekening moet houden met de juiste maatstaf voor auteursrecht en de proceskostenregels conform de richtlijn.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling; het incidentele cassatieberoep wordt verworpen.