ECLI:NL:HR:2008:BD4378

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 september 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
C07/080HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROLandinrichtingswetWet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen waardering kavel bij ruilverkaveling Walcheren

Eiser maakte bezwaar tegen de lijst der geldelijke regelingen van de ruilverkaveling Walcheren, met name tegen de waardering van een aan hem toegedeelde kavel. De Landinrichtingscommissie en eiser konden geen overeenstemming bereiken, waarna het bezwaar werd voorgelegd aan de rechter-commissaris en vervolgens aan de rechtbank Middelburg.

De rechtbank verklaarde eiser niet-ontvankelijk in zijn bezwaar betreffende de schattingswaarde van de kavel, maar verklaarde enkele andere bezwaren gegrond en paste de lijst der geldelijke regelingen dienovereenkomstig aan. Eiser stelde hiertegen beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van eiser niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten. Het cassatieberoep werd verworpen en eiser werd veroordeeld in de kosten van het geding.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het geding.

Uitspraak

5 september 2008
Eerste Kamer
Nr. C07/080HR
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans,
t e g e n
DE LANDINRICHTINGSCOMMISSIE VOOR DE RUILVERKAVELING "WALCHEREN",
zetelende te Goes,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.W. Scheltema.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Landinrichtingscommissie.
1. Het geding in feitelijke instanties
[Eiser] heeft op 10 mei 2005 bezwaar gemaakt bij de Landinrichtingscommissie tegen de lijst der geldelijke regelingen, onder meer tegen de waardering van de aan hem toegedeelde kavel [001].
De Landinrichtingscommissie heeft geen overeenstemming met [eiser] kunnen bereiken waarna het bezwaarschrift voor de zitting van de rechter-commissaris van de rechtbank Middelburg op 20 september 2006 is aangemeld. Ter zitting van 20 september 2006 zijn een aantal bezwaren opgelost en heeft de rechter-commissaris de overige bezwaren naar de rechtbank Middelburg verwezen.
De rechtbank heeft, nadat [eiser] een aangepast bezwaarschrift heeft ingediend bij de Landinrichtingscommissie en na mondelinge behandeling, bij vonnis van 31 januari 2007 [eiser] niet-ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar met betrekking tot de schattingswaarde van kavel [001], de bezwaren met betrekking tot de verrekenposten ter zake van drainage, vlakligging, uitzonderlijk lage bemestingstoestand en nutsklasse-indeling (deels) gegrond verklaard en de lijst der geldelijke regelingen dienovereenkomstig aangepast. Voor het overige heeft de rechtbank de bezwaren ongegrond verklaard.
Het vonnis van de rechtbank is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van de rechtbank heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Landinrichtingscommissie heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor de Landinrichtingscommissie mede door mr. R.T. Wiegerink, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Landinrichtingscommissie begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 5 september 2008.