ECLI:NL:HR:2008:BD6026

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 september 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/13036
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens gewijzigde omstandigheden zonder beëindigingsvergoeding

De Stichting Birgen di Rosario verzocht bij het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met eiseres wegens gewichtige redenen, namelijk gewijzigde omstandigheden, zonder toekenning van enige vergoeding. Het gerecht ontbond de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 februari 2007 en wees het meer of anders gevorderde af.

Eiseres stelde zich tegen deze ontbinding en ging in hoger beroep bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, dat het hoger beroep verwierp. Vervolgens stelde eiseres beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep. Tevens werd eiseres veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. De Hoge Raad zag geen aanleiding tot nadere motivering omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden zonder toekenning van een beëindigingsvergoeding.

Uitspraak

12 september 2008
Eerste Kamer
07/13036
EV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Eiseres],
wonende op Curaçao,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
STICHTING BIRGEN DI ROSARIO,
gevestigd op Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de Stichting.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 31 oktober 2006 ter griffie van het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, ingekomen verzoekschrift heeft de Stichting zich gewend tot dat gerecht en verzocht, kort gezegd, de arbeidsovereenkomst tussen de Stichting en [eiseres] wegens gewichtige redenen, bestaande uit gewijzigde omstandigheden, met onmiddellijke ingang c.q. op korte termijn te ontbinden, zonder toekenning van enige vergoeding aan [eiseres].
[Eiseres] heeft de vordering bestreden.
Het gerecht heeft, na een mondelinge behandeling zonder aanwezigheid van de gemachtigde van [eiseres], bij beschikking van 29 december 2006 de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 februari 2007 ontbonden en het meer of anders gevorderde afgewezen.
Tegen deze beschikking heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, hierna: het hof.
Bij beschikking van 7 augustus 2007 heeft het hof het hoger beroep verworpen.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Stichting heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Stichting begroot op € 345,38 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, C.A. Streefkerk en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 12 september 2008.