ECLI:NL:HR:2008:BG5990
Hoge Raad
- Cassatie
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over uitleg fiscale ruling en risico lening als belegging
In deze zaak is aan belanghebbende voor het jaar 1998 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd, die na bezwaar en beroep door het Gerechtshof te Arnhem werd verminderd. De Hoge Raad vernietigde dit arrest en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Dit Hof vernietigde vervolgens de aanslag en stelde het verlies vast, waarna de Staatssecretaris van Financiën cassatie instelde.
De kern van het geschil betreft de uitleg van een fiscale ruling uit 1997, waarin is bepaald welke leningen als 'beleggingen' kunnen worden aangemerkt voor fiscale doeleinden. Het Hof oordeelde dat leningen met substantieel debiteurenrisico niet als beleggingen in de zin van de ruling kunnen worden beschouwd. De Hoge Raad oordeelde echter dat het Hof deze verwijzingsopdracht te beperkt heeft opgevat en onvoldoende gemotiveerd heeft waarom een lening met debiteurenrisico niet onder de ruling valt.
De Hoge Raad benadrukt dat bij de uitleg van de ruling meer omstandigheden moeten worden betrokken dan alleen de tekst en de marge van 1/16%. Daarbij moet worden gekeken naar de gemeenschappelijke bedoeling van partijen en de redelijke verwachtingen omtrent het debiteurenrisico en de fiscale verwerking van resultaten. Omdat het Hof dit niet voldoende heeft onderzocht, wordt het arrest vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof te Amsterdam voor verdere behandeling.
De Hoge Raad wijst verder op het ontbreken van gronden voor proceskostenveroordeling en laat de beslissing over kostenvergoedingen aan het verwijzingshof over. Het arrest is gewezen door vijf raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 5 december 2008.
Uitkomst: Het arrest van het Gerechtshof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof te Amsterdam voor verdere behandeling.