ECLI:NL:HR:2009:BH2954

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 mei 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/10762
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming standplaats wegens hennepkwekerij zonder wetenschap huurder

De Alliantie vorderde bij de kantonrechter de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van een standplaats in een woonwagencentrum wegens de aanwezigheid van een hennepkwekerij op het gehuurde. De huurder, eiser, bestreed deze vordering. Na diverse tussenvonnissen en een comparitie wees de kantonrechter het vonnis toe. Het gerechtshof verklaarde het hoger beroep van de huurder tegen tussenvonnissen niet-ontvankelijk en bekrachtigde het eindvonnis.

De huurder stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De klachten in het cassatiemiddel werden echter niet ontvankelijk verklaard en boden geen aanleiding tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde de huurder in de kosten van het geding.

De zaak betreft de vraag of ontbinding en ontruiming gerechtvaardigd zijn ondanks het ontbreken van wetenschap bij de huurder over de hennepkwekerij. De Hoge Raad bevestigt dat dit niet tot cassatie leidt, waarmee de eerdere beslissingen standhouden.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming worden bevestigd.

Uitspraak

29 mei 2009
Eerste Kamer
07/10762
RM/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.S. Kamminga,
t e g e n
STICHTING DE ALLIANTIE,
gevestigd te Hilversum,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. E. Grabandt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en De Alliantie.
1. Het geding in feitelijke instanties
De Alliantie heeft bij exploot van 21 april 2005 [eiser] c.s. gedagvaard voor de kantonrechter te Amersfoort en gevorderd, kort gezegd, de tussen [eiser] c.s. en De Alliantie gesloten huurovereenkomst betreffende een standplaats met bijbehorend voorzieningengebouw te ontbinden en [eiser] c.s. te veroordelen tot ontruiming van het gehuurde.
[Eiser] c.s. hebben de vordering bestreden.
De kantonrechter heeft, na bij tussenvonnis van 15 juni 2005 een comparitie van partijen te hebben bevolen, bij tussenvonnis van 24 augustus 2005 De Alliantie tot bewijslevering toegelaten. Bij eindvonnis van 30 november 2005 heeft de kantonrechter de vorderingen toegewezen.
Tegen voornoemde vonnissen van de kantonrechter hebben [eiser] c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.
Bij arrest van 5 april 2007 heeft het hof [eiser] c.s. niet-ontvankelijk verklaard in hun beroep tegen de tussenvonnissen van 15 juni 2005 en 24 augustus 2005 en het bestreden eindvonnis bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Alliantie heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van De Alliantie begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 29 mei 2009.