ECLI:NL:HR:2009:BI1009
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring bedreiging met openlijk geweld wegens onvoldoende motivering
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem over de bewezenverklaring dat verdachte een persoon heeft bedreigd met openlijk geweld. De bedreiging vond plaats op 2 mei 2005, waarbij verdachte en een mededader bij het slachtoffer aanbelden om een vordering te incasseren. Tijdens het incident werd het slachtoffer vastgegrepen, geslagen en bedreigd met terugkomst en geweld.
Het hof had geoordeeld dat sprake was van bedreiging met openlijk geweld zoals bedoeld in art. 285 Sr Pro. De Hoge Raad stelt echter dat het begrip 'openlijk' geweld inhoudt dat het geweld onverholen en niet heimelijk wordt gepleegd, waardoor de openbare orde wordt aangetast, zonder dat publiek aanwezig hoeft te zijn. Uit het dossier blijkt volgens de Hoge Raad niet voldoende dat het geweld openlijk in deze zin werd uitgeoefend.
De bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van verdachte, slachtoffer, getuigen en politieproces-verbalen, tonen wel het geweld en de bedreiging, maar niet dat het geweld openlijk was in de wettelijke betekenis. Daarom is het oordeel van het hof onvoldoende gemotiveerd en niet in overeenstemming met de wet.
De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het de bewezenverklaring en strafoplegging betreft en verwijst de zaak terug naar het hof Arnhem voor een nieuwe beoordeling. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor de bewezenverklaring bedreiging met openlijk geweld en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde beoordeling.