ECLI:NL:HR:2010:BK3162
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over motorrijtuigenbelasting na bezwaar en beroep
Belanghebbende betaalde motorrijtuigenbelasting over de periode van 22 juli 2005 tot en met 21 oktober 2005. Tegen het bedrag maakte hij bezwaar, dat door de Inspecteur werd afgewezen. Vervolgens werd het beroep bij de Rechtbank Arnhem ongegrond verklaard, en ook het hoger beroep bij het Hof bevestigde deze uitspraak.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad en voerde twee middelen aan. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep gegrond te verklaren, het hofarrest te vernietigen en de zaak door te verwijzen naar een ander gerechtshof.
De Hoge Raad oordeelde echter dat de middelen faalden op dezelfde gronden als in een gelijktijdig arrest en verklaarde het cassatieberoep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee bleef de eerdere uitspraak in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond en bevestigt het arrest van het hof.