ECLI:NL:HR:2010:BK9631
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- O. de Savornin Lohman
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Vaststelling huurprijs bedrijfsruimte op grond van oud art. 7A:1632a BW
De zaak betreft een geschil over de vaststelling van de huurprijs van een bedrijfsruimte aan de [a-straat 1a] te [plaats], waarbij de huurder een lagere huurprijs wenste dan de verhuurder vorderde. De kantonrechter vroeg advies aan de Bedrijfshuuradviescommissie en stelde de huurprijs vast op €40.202,91 per jaar per 1 maart 2002. Zowel eiser als verweerder gingen in hoger beroep. Het gerechtshof benoemde deskundigen en stelde de huurprijs uiteindelijk vast op €51.198,04 per jaar.
Eiser stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof, terwijl verweerder verstek liet gaan. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep zonder nadere motivering, conform artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad veroordeelde eiser in de kosten van het geding in cassatie, maar stelde deze aan de zijde van verweerder nihil vast. Het arrest werd gewezen door de raadsheren Hammerstein, de Savornin Lohman, Bakels en uitgesproken door Numann op 5 maart 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de huurprijs van de bedrijfsruimte blijft vastgesteld op €51.198,04 per jaar vanaf 1 maart 2002.